Bang om op je bek te gaan…

Gepubliceerd op: 25-08-2019

Vertel eens: Wanneer was jij voor het laatst bang om op je bek te gaan? Ik heb daar de afgelopen maanden behoorlijk last van gehad. Mijn boek ‘Praktisch Veranderen; een sprong in het pierenbadje’ is net uit. Mijn eerste boek, de bundeling van mijn blogs. Ik kan je vertellen, zo’n boek uitbrengen, dat is best eng. De angst is groot dat nog geen 10 mensen het aanschaffen: Je naaste familie en vrienden. Die dan allemaal denken: Ik zal er maar niets van zeggen, maar djeezz wat is dit slecht….

Lacherig
Om mezelf te beschermen deed ik wat lacherig over het boek: “Het stelt allemaal niet zoveel voor, het zijn maar kleine verhaaltjes, prima voor op de wc ofzo…” Totdat ik daarmee de woede van mijn intervisiegroep op de hals haalde. Want door het boek niet serieus te nemen, lachte ik in feite mijn lezers uit.

Serieus
Shit. Zo had ik het nog niet bekeken. Toen besefte ik me pas hoe diep de angst zit van ‘op mijn bek gaan’.
Dat het zover ging dat ik mijn eigen teksten niet meer serieus nam. Terwijl ik me juist zo kwetsbaar opstel in mijn verhalen. Ik lach daarmee niet alleen mijn lezer uit, maar ook mezelf.
Gelukkig kwam ik op tijd tot dit inzicht. En is er verder weinig schade aangericht. Vanaf nu neem ik mijn boek, mijn verhalen en mijzelf wél serieus. En dan gá ik maar op mijn bek: ik heb het tenminste geprobeerd….

In het moment
Dat ‘bang om op je bek te gaan’ ook anderen flink in de weg kan zitten, heb ik kunnen ervaren bij een van de opleidingsdagen van ‘De magie van opstellingen begeleiden’. Deze opleiding is nogal confronterend. Je werkt met een aantal basisprincipes van systemisch werken, en verder doe je veel met je zintuigen en je intuïtie. Het eist van jou als begeleider dat je ‘in het moment’ kunt zijn. Dat je even al je gedachten, twijfels, vragen en angsten uit kunt schakelen, om de opstelling haar werk te kunnen laten doen.

Dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan. Elke cursist heeft tijdens het begeleiden last van zijn of haar eigen issues. Toch word je voor de leeuwen gegooid. Je moet minimaal één grote opstelling begeleiden, want alleen door te doen, leer je te begeleiden. Maar dan komt de angst om op je bek te gaan. En die angst zit bij zo’n opstelling stevig in de weg.

Waarneming
Zo’n grote opstelling is namelijk heftig. Het vraagstuk is vaak complex, met 6-8 elementen, die allemaal worden gerepresenteerd door mede-cursisten. We zijn als cursisten inmiddels zo gedreven geworden in het representeren van een element dat we direct beginnen te lopen, te voelen, te praten. Als begeleider heb je zo’n beetje oren in je neus en ogen in je rug nodig, om alles te kunnen waarnemen.
Als je op dat moment bang bent om op je bek te gaan, dan blokkeert het je hele waarneming. En daarmee kun je niet meer goed begeleiden. Het vereist een volledig zijn in het ‘hier en nu’.

Iedereen is bang
Als je op die manier met zo’n training bezig bent, dan besef je ineens: joh, iedereen is bang. Iedereen is weleens bang om op zijn bek te gaan. Het gekke is: niemand, maar dan ook niemand vindt daadwerkelijk dat de ANDER op zijn bek gaat. 
Sta daar eens even bij stil.
Bedenk eens hoe dom dat eigenlijk wel niet is.

IK ben alleen maar bang dat IK op mijn bek ga. Ik vind NOOIT dat een ANDER op zijn bek gaat. Nooit.
Maar... He?! Maken we dan niet alleen onszelf bang?! Voor niets?! Hoe stom is dat?!

Leermomenten
Laten we afspreken: vanaf nu zijn we niet meer bang om op onze bek te gaan. We doen gewoon ons best, we proberen dingen uit en we gaan net zolang door, totdat we tevreden zijn. Soms gaat het anders dan verwacht. Dat is dan geen mislukking, maar een leermoment. En als je denkt, ik ben die leermomenten nu weleens beu, doe mij maar een keer een succesje, bedenk dan dit:

Voordat Thomas Edison de gloeilamp uitvond, mislukte de uitvinding 10.000 keer. Hij zei hierover: “Ik heb niet gefaald. Ik heb 10.000 manieren gevonden die niet werken.”

Wees dus niet bang meer om op je bek te gaan, zorg dat je 10.000 leermomenten creëert!